Preek gehouden in de Catharijnekerk te Heusden op de 4e zondag na Epifanie 1 februari 2026 n.a.v. 1 Korinthe 1: 18-31.
De kracht van zwakte
Op deze zondag van de Zaligsprekingen, die Jezus uitsprak over de mensen, die treurden en zich niet gezien achtten, die snakten naar vrede en recht en zo alleen maar ellende over zich afriepen, duiken we met Paulus in de betekenis, de zin daarvan. Want de verzen uit 1 Korinthe 1, die wij vanmorgen hoorden, zijn als een echo van de woorden van Jezus op de berg.
En Paulus verbindt dat meteen aan het begin van zijn beschouwing met het kruis. ‘De boodschap over het kruis’ is misschien nog wat te prekerig en beschouwend. Het gaat eigenlijk meer over de ‘logica’ van het kruis – over de ‘logos’ van het kruis, zoals er letterlijk staat. Denk er eens over na welke consequenties dat kruis heeft voor hoe God is, wie wij zijn en hoe de wereld in elkaar zit. Laten we met elkaar proberen aan de hand van de lezing uit 1 Kor. 1 daar wat meer helderheid in te krijgen.
Nu is dat moeilijker dan u denkt, want hoe kom je dicht in de buurt van een tekst, die overwoekerd is door 20 eeuwen kerk-, theologie- en dogmengeschiedenis.
Het kruis is immers verworden tot een versiering, als hanger aan een kettinkje dat vrolijk een dansend decolleté opfleurt , als speldje op de revers van je colbert, als tatoeage op je arm of op je rug. Of het kruis is geworden tot een symbool van macht…toen in de 4e eeuw het christendom de enig toegestane godsdienst en later zelfs staatsgodsdienst was geworden, werd het kruis het symbool van de macht. Vaak ook gepaard gaand met geweld (weer wat later): kruisvaarders en kruistochten deden hun intrede. God wil het! en met een kruis op het schild trok men ten strijde. Deus vult, zoals ook getatoeëerd op de arm van een minister van Oorlog.
Of het kruis werd gebruikt om magie mee te bedrijven, m.n. in de eredienst en bij religieuze plechtigheden werd het kruis naar voren gebracht als een wonderteken, waar kracht van uitgaat. Men slaat een kruis. Of mensen werpen zich aanbiddend neer voor een kruisbeeld. In Taizé heb ik dat meerdere keren gezien, dat op vrijdagmiddag het kruisbeeld werd opgericht en mensen toestroomden om het aan te raken, in stilte ervoor te gaan liggen. Kruisdevotie heet dat. Of een levensgroot verlicht kruis wordt door de straten van een stad gedragen in de Stille Week en dat wordt als evangelisatie beschouwd.
En dan is het kruis ook het symbool van de dood geworden. We zetten een kruisje achter de naam van iemand, die overleden is. En als we op een kerkhof komen zien we op vele grafstenen een kruis gegraveerd en op oorlogskerkhoven hebben de stenen vaak de vorm van een kruis.
En ieder huisje heeft zijn kruisje en wie het christelijk geloof bespottelijk wil maken, die laat zich afbeelden op een kruis, zoals Madonna eens deed –
En dan hebben we nog de theologie en liedcultuur – ook daarin wordt het kruis uitvoerig besproken en geduid, bezongen en omkranst met ideeën en inzichten.
Laten we nu dit alles even vergeten of tussen haken zetten, want Paulus weet daar allemaal niks van.
We staan met onze blote voeten in onze sandalen op het marktplein in Korinthe rond het jaar 50 na Chr. en we zien een prachtig opnieuw opgebouwde stad, waarin de Romeinen de baas zijn en de keizer op een ereplaats – boven alle andere tempels verheven – zijn eigen tempel heeft laten bouwen. Het is een wereldstad met veel handel en cultuur, altijd wat te beleven en te verdienen. Maar wacht, niet voor iedereen. Paulus had zijn verhaal over Jezus en het kruis verteld, maar de meeste mensen lachten hem vierkant uit in zijn gezicht. De elite was alleen maar geïnteresseerd in succes, niet in mislukking en nederlaag. Dat is toch dwaasheid?
In onze tijd is dat niet anders: wij hebben bewondering voor mensen, die het gemaakt hebben, die succes hebben, een CV hebben, die klinkt als een klok. En we zijn jaloers op hen, want dat willen wij ook! Mensen met een grote mond en die hun spierballen laten rollen zijn in aanzien en hebben de macht en de wind mee.
Bij die mensen moet je niet met het kruis aankomen. Maar Paulus had ook anderen ontmoet, die er wel oren naar hadden. Hij had een kleine groep mensen kunnen bereiken, die zichzelf hadden herkend in die woorden en in die man van het kruis. Zij waren zelf ook arm, hadden geen hoog aanzien, waren outsiders en verschoppelingen, mensen die niet meetelden. ‘Onder u waren er niet veel, die machtig waren of die naar menselijke maatstaf wijs waren’ – nee, jullie werden voor gek versleten om de boodschap, de logica van het kruis serieus te nemen en zo in Gods oog een beminde te zijn.
Het dwaze, het onbeduidende, wat niets is, heeft God uitgekozen om wat iets is teniet te doen.
Dat klinkt natuurlijk allereerst als een moedgevende hart onder de riem. Laat het tot je doordringen, dat God je ziet en je niet vergeet als je niet meetelt, als je als vuilnis wordt afgevoerd, als je geen been hebt om op te staan.
Maar wacht, dat is niet alles…het gaat zelfs over ‘wat niet of niets is’. De wereld is een veld, waarop allerlei mensen een plaats proberen te veroveren, waar dingen ontwikkeld worden en wetten gemaakt worden, die meestal ten goede komen aan hen, die de macht hebben. En zo kunnen veel mensen niet tot ontwikkeling komen, er is geen ruimte voor hen, geen plaats. Maar nu zegt de apostel: God wil ‘dat wat niet is’ naar voren halen, aan het licht brengen, een mogelijkheid geven. Het gaat eigenlijk om dat ‘wat nog niet is’, wat er in potentie wel is, maar nog geen kans heeft gekregen. En dat kan eigenlijk alleen gebeuren als ‘dat wat is’ teniet gedaan wordt. Ook hier is de vertaling wat bits. Het gaat eigenlijk niet om vernietiging, maar meer om ‘buiten werking zetten’, uitschakelen, waardoor er ruimte komt voor wat niet is. ‘Dat wat is’ heeft ‘dat wat niet is’ altijd overwoekerd en dat moet en zal veranderen!
Dus ja, het kruis is een omkering van alle waarden, maar ook een kans, een kracht tot verandering. Maar dan niet op de wijze van de wereld, niet volgens de logica van de macht en de triomf, maar langs de weg van deemoed en kruis.
Het zet al onze waarden en verwachtingen om in de wereld groot en aanzienlijk te worden op z’n kop. Ook een kerk, die zich op de kaart van de wereld wil zetten, heeft de logica van het kruis niet begrepen. Evangelisten, die met veel bombarie en publiciteit mensen denken te kunnen genezen van hun angsten en ziekten hebben weinig of niets van de logica van het kruis begrepen.
Het kruis vertelt ons namelijk de weg van de minste te willen zijn, het is de logica van de liefde - die vaak onlogisch en irrationeel is - en de zelfopoffering, die ons verteld wordt als een weg, die lijkt dood te lopen, maar die uitkomt in het Koninkrijk Gods. God is niet als de Romeinse Keizer en The Powers That Be, maar Hij vereenzelvigt zich met de Man aan het kruis.
Het is een verhaal, waar de mens, die succesvol wil zijn, van gruwt en als dwaas en irreëel wegzet.
Maar wie inziet, dat het kruis een verbondenheid en eenheid met Christus betekent, voor hem of haar is het een kracht Gods en een bron van bevrijding.
‘Want Hij, de gekruisigde, is dezelfde die als rechter de geschiedenis zal oordelen: en dan is Hij zowel de anarchist als de communist, de rebel en de agitator, maar ook de arme boer of het kind van een verachte ambachtsman van de werkende klasse. Hij is het, die geen plaats heeft om zijn hoofd op te leggen, die niet aflaat te strijden tegen onrecht en tegen de wreedheid van alle bevelen van de machthebbers en van de bevoorrechten, die deze wereld regeren, maar zonder zichzelf te verdedigen toen Hij bij ons was. Maar Deze is ook de Heer en Koning met onoverwinnelijke macht, die de hemelse machten en tronen en heerschappijen weet te onttronen, die het domein van de Hades op zijn fundamenten doet wankelen. In Hem bevindt zich de aanwezigheid van het Koninkrijk, nu. Hij is het die zijn hoofd legt voor altijd aan/op de borst van zijn Vader en die zo machtig is, dat niemand dit leven van Hem kan afnemen, want Hij heeft het vrijwillig afgelegd en het ook weer opgenomen’ (David Bentley Hart).
En daarom is het zwakke van God sterker dan de wereld. Want het is de kracht die niet breekt, maar heelt. Niet overweldigt, maar opent. Niet dwingt, maar bevrijdt.
Moge die zwakke kracht ons vandaag raken, en ons maken tot mensen van zachtmoedige moed.

