Logo dsCH 

smallbanner 2

Hier kunt u mijn weblog lezen
Hier publiceer ik mijn recente preken: reacties zijn altijd welkom! Zo kan deze weblog de functie van een voor- en nagesprek krijgen.
Ook plaats ik hier korte inleidingen of publicaties (in het kerkblad), een vertaalde preek van Paul Tillich en andere beschouwingen. U wordt uitgenodigd om ook daarop te reageren.

Als je wilt reageren op 'tekst en inhoud' van mijn weblog, klik dan op de titel van het betreffende artikel. Dan verschijnt een nieuwe pagina, waarop de optie "Reageer als eerste" staat vermeld.

line

zondag, 29 december 2019 14:23

Preek gehouden op zondag 29 december 2019 in de “Ontmoetingskerk” te Zuidwolde n.a.v. fragmenten uit Lucas 1 en 2

 

Een verhaal kneden

 

De zondag tussen Kerst en Oud en Nieuw ligt er altijd wat verloren bij: de mensen zijn verzadigd van het lied en het Woord en komen met moeite hun bed en huis uit – mooi, dat u daar niet aan toegegeven hebt!

Soms vult men de dienst op deze zondag daarom maar op een alternatieve wijze in, bijv. door een zgn. Top-2000 te organiseren, maar onderweg hierheen zei mijn vrouw: “In Zuidwolde heeft men (blijkbaar) de knie (nog) niet gebogen voor de Top-2000-dienst…”

Ik denk, dat deze zondag juist uitermate geschikt is om nog eens even na te denken over wat we gevierd hebben. We laten alles nog eens de revue passeren en wij vragen ons en elkaar af: wat betekent het nu allemaal en waar leidt het toe?

En wie ons daarin voorgaat is moeder Maria. Als we haar een beetje proberen te volgen dan zien we haar allereerst nog weer even op het moment, dat de boodschap haar bereikt, dat zij een kind zal krijgen. Met bevend hart, maar ook gelaten en vol verwachting, aanvaardde zij haar zwangerschap. Zij wist, dat zij moeder mocht worden van een bijzonder kind, van iemand met een bijzondere naam en een bijzondere roeping.

En dan volgt na een lange aanloop de vertelling van Lucas, hoe het kind geboren wordt in een stal of een grot in de buurt van Bethlehem en dat herders in de buurt op de hoogte worden gebracht, ja zo kun je dat wel zeggen, dat de Redder der wereld, de messias, geboren is en dat zij het als een kind zullen vinden, in een kribbe of voederbak, gewikkeld in doeken.

En u en ik kunnen het verhaal wel dromen: zij gaan op weg en vinden Maria en Jozef en het kind en iedereen is blij verrast. Hoe wonderlijk, dat alles zo samenkomt en klopt. Ja, het leek een sterk verhaal, zeiden ze tegen elkaar, maar het verhaal is rond.

En als dan iedereen naar huis is: de herders naar hun kudde en Jozef in slaap gevallen is en ook het kindje Jezus ligt te snoezen, dan is moeder Maria alleen nog wakker en schrijft Lucas: ‘en Maria bewaarde al deze woorden in haar hart en bleef er over nadenken’.

In het Grieks worden hier twee woorden gebruikt, die letterlijk de betekenis hebben van ‘samenbrengen’, ‘bijeenvoegen’. Wat verspreid is, uiteen ligt, een veelheid is wordt bij elkaar gebracht tot één geheel. Dat is de beste manier om er een beetje grip op te krijgen, om het te begrijpen en er iets zinnigs over te kunnen zeggen. Het precies, zoals wanneer iemand in de keuken alle ingrediënten verzamelt en bijeenvoegt tot een deeg of een andere samenstelling en dat wordt uiteindelijk iets eetbaars, iets lekkers. Zo bracht ook Maria alles bij elkaar en bakte a.h.w. haar eigen verhaal.

En telkens begon ze van voren af aan het hele verhaal langs te lopen: hoe dit kind op een vreemde en onverwachte manier haar in de schoot was geworpen. Ja, zo kon je dat wel zeggen: ongepland had deze zwangerschap haar overrompeld en toch heeft ze het aanvaard en laten gebeuren.

En ze dacht na over de plaats, waar het kind ter wereld was gekomen: dat had ze toch niet van tevoren kunnen bedenken? ‘In the middle of nowhere’, ver van huis en zonder enig comfort: geen familie, geen vrienden, die op kraamvisite kwamen, maar een paar vreemde herders. Hoe kon dat? Hoe wisten zij dat?

En dan ook over de naam van haar kind. Hij zou Jezus moeten heten, wat redder of bevrijder betekent, maar is dat niet te pretentieus en te ambitieus? En hoe zou hij die naam kunnen waar maken? En zo maakte zij zich al zorgen over later…zij was er niet gerust op, hoe het zou aflopen en waar zij die naam nog eens zou tegenkomen en lezen.

Zo bracht ze alles zoveel mogelijk bij elkaar: wat de engel Gabriël tegen haar gezegd had, wat Jozef van plan was geweest en toevallig ook net dat bevel van keizer Augustus en dan dat verhaal van die herders, die zeiden dat zij engelenzang hadden gehoord: dat alles en nog veel meer gedachten, zorgen en vooruitzichten, probeerde zij bij elkaar te brengen, samen te vatten en te begrijpen.

Dat is precies wat de kerk van alle tijden en plaatsen heeft geprobeerd en nog steeds doet, want Maria is ook het beeld van de kerk geworden: proberen te verstaan wat de komst van dit kind betekent. En in de loop van de tijd zijn er vele antwoorden op gegeven en die zijn ook doorgegeven en worden nog steeds bewaard en gekoesterd. Maar in iedere tijd moet telkens weer opnieuw gezocht worden naar de betekenis voor het heden.

Hoe breekt het licht van dit kind door in de nacht van ons bestaan? Hoe krijgt dit kindje handen en voeten in deze wereld vol eigen belang, angst en afweer, geweld en haat?

Theologen, filosofen, zieners en predikers, maar ook kunstenaars hebben de eeuwen door de betekenis van dit Kind proberen te verwoorden of uit te beelden.

Voor vanmorgen heb ik er ook eentje meegenomen, namelijk een schilderij van Rembrandt, de kunstenaar van het ‘clair-obscure’, het licht en het donker. Kijk, hier zien we de aanbidding door de herders, zoals dit schilderij is gaan heten. Alle aandacht gaat uit naar het kindje Jezus en dat is natuurlijk te verwachten, maar wat opvalt is, dat niet zozeer het licht van een lamp of een fakkel op het kindje valt, maar dat het kindje zelf het licht geeft, ja het licht is. Dat heeft Rembrandt heel verrassend en geraffineerd proberen uit te beelden. Hij is het licht van de wereld. Wij schijnen niet hem bij, wij hoeven hem niet in het licht te zetten, maar Hij zet ons in het zonnetje, in het licht van Gods vriendelijk aangezicht. Wij worden door hem beschenen, hij werpt licht op ons.

En zo weten wij ineens, dat wij zelf geroepen zijn om in het licht te wandelen en te handelen als kinderen van het licht. Dat wij zelf iets uitbeelden en uitstralen van het licht, dat hij is en ons geeft. Vlak voor de kerstdagen heb ook ik – net als Maria – weer nagedacht over de betekenis van de komst van het kindje Jezus en geprobeerd alles bij elkaar te brengen en te verdichten, in een klein gedichtje en dat heb ik op onze kerstkaart geplakt en ook u wil ik dat bij wijze van samenvatting meegeven:

Op de Kerstkaart

 

Hij kwam,

zag ons en

heeft ons voor zich gewonnen.

 

Brak de tijdbalk in tweeën,

omarmde alle generaties:

de Christus vóór en na.

 

Een nieuwe tijd brak aan

voor vrede

en licht in mijn hoofd.

 

Het Nieuwe Zijn staat

onwennig en pril nog

voor altijd op de kaart.

 

(Cees Huisman, dec. 2019)

 

 

zaterdag, 21 december 2019 18:44

 

Hoezo atheïst?

 

Wat een prachtig interview met Rutger Bregman in Trouw van zaterdag 21 dec. 2019) (de Verdieping): een jongeman vol goede ideeën, die er niet voor terugdeinst deze in hogere kringen te ventileren, zoals in het voorjaar in Davos, waar hij de rijken der aarde wees op hun verantwoordelijkheid om (ook) belastingen te betalen en waar hij ook het vele heen-en-weer gevlieg in privé-jets hekelde. Kortom, een man naar mijn hart!

Wat mij enigszins verraste en tegenviel was, dat hij zich door de redeneringen en argumentaties van Herman Philipse en Richard Dawkins had laten overtuigen om voortaan als atheïst door het leven te gaan. Ik heb sterk de indruk, dat veel mensen (m.n. ook intellectuelen) zich (graag?) atheïst noemen, omdat ‘geloven in God’ dom en achterhaald lijkt.

Maar de bezwaren tegen ‘het bestaan van God’ – zoals de kwestie dan genoemd wordt – hebben altijd betrekking op het afwijzen van een God, die zich ergens – onzichtbaar - ophoudt en als een ‘entiteit’ wordt opgevat. Tegen die voorstelling zijn inderdaad vele (redelijke) argumenten aan te voeren en Philipse en Dawkins hebben zich uitgeput om die allemaal op te sommen, maar het afwijzen van een bepaalde Godsvoorstelling hoeft nog niet te betekenen, dat je dus daarom een atheïst bent.

Alle volwassen theologie begint met het afrekenen van onze Godsvoorstellingen, zoals Meister Eckhart (1260-1328) en Paul Tillich (1886-1965) opmerkten. Tillich heeft eens een lezing gehouden, die hij de uitdagende titel meegaf: “The absurdity of the question: does God exist?” Dat wil niet zeggen, dat Tillich God ontkende, maar hij plaatste vraagtekens bij onze voorstellingen van God bijv. als de man met de witte baard op een wolk, de in de hemel (als een locatie opgevat) wonende en tronende Albestuurder e.d. Volgens Tillich is God een symbool van onze ‘ultimate concern’, niet op te vatten als ‘a being’, maar als ‘being itself’.

Peter Rollins vertelt het grappige en tot nadenken stemmende verhaal van een geleerde, die zijn hele leven bezig was geweest om bewijzen te verzamelen voor het niet-bestaan van God. Hij had er al veel over gepubliceerd, maar hij was er zelf nog steeds niet tevreden over. Hij zocht nog naar het ultieme, onweerlegbare bewijs.

En terwijl hij aan het grondig nadenken was viel hij in slaap en droomde hij. In zijn droom verscheen onverwacht en ongedacht God aan hem, die tegen hem zei: ‘Ik ben God en Ik besta niet’.

Sindsdien schreef hij nooit meer over de versleten vraag of God wel of niet bestond en hij begon er steeds meer aan te twijfelen of hij wel een atheïst was.

Ik wens Rutger ook die twijfel toe.

 

 

 

 

woensdag, 18 december 2019 15:40

Op de Kerstkaart

 


Mijn (onze) kaart met wensen voor de feestdagen en voor het nieuwe jaar plaats ik ook hier voor alle enthousiaste en kritische lezers (m/v) van mijn blog.

Naast of onder de foto, die ik in 2017 gemaakt heb in Dickninge (een landgoed vlakbij Meppel/de Wijk) heb ik een dicht-gedachte geplaatst, dat in mij opborrelde bij het nadenken over de kerstgedachte.

Het recept en de ingrediënten houd ik voor mezelf: neem het tot je, geniet ervan en leef ermee!

 

Op de Kerstkaart

 

Hij kwam,

zag ons en

heeft ons voor zich gewonnen.

 

Brak de tijdbalk in tweeën,

omarmde alle generaties:

de Christus vóór en na.

 

Een nieuwe tijd brak aan

voor vrede

en licht in mijn hoofd.

 

Het Nieuwe Zijn staat

onwennig en pril nog

voor altijd op de kaart.